Tekort aan 900.000 ‘programmeurs’ tegen het jaar 2020

Tekort aan 900.000 ‘programmeurs’ tegen het jaar 2020

Ongeveer drie jaar geleden kwam de befaamde Raspberry Pi op de markt, de kleine personal computer in Creditcard formaat waarmee zowel ervaren programmeurs als hobbyisten aan de slag kunnen. Van media-centers tot huis-automatisering, het is allemaal mogelijk met de Raspberry Pi, mits je een beetje kan programmeren.

Echter volgens Eben Upton, Alan Mycroft – twee academici van de Universiteit van Cambridge die mede de Raspberry Pi hebben ontwikkeld– is er een duidelijke neerwaartse trend te zien in het aantal nieuwe studenten dat zich aanmeld voor het Computer Science programma.

Als dit zo doorgaat hebben we volgens de Europese Commissie tegen het jaar 2020 een tekort van 900.000 goed geschoolde programmeurs in heel Europa.

Programming 2.0

Dit is ook een van de redenen dat de Raspberry Pi in het leven is geroepen, namelijk om meer mensen op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met coderen.

Waar je 20 jaar geleden vooral vastzat aan ingewikkelde en complexe programmeer talen zoals C en C++ zijn er vandaag de dag talloze andere talen en zogenaamde script languages bijgekomen. We zien steeds meer dat het programmeren zoals we dat kenden van de vroege jaren van de personal computer aan veranderen is.

Veel gebeurt tegenwoordig in de cloud waardoor collaboratie via het internet mogelijk is. Daarnaast zijn veel programmeertalen – zoals python, Java, PHP en HTML 5 – een stuk gebruiksvriendelijker geworden en daardoor ook toegankelijker tot het grote publiek.

Hierdoor leren we ook steeds sneller en vanaf een jongere leeftijd coderen. Het Scratch Programma van MIT waar jonge kinderen op een speelse wijze leren coderen heeft ondertussen meer dan 6.2 miljoen leden wereldwijd.

Programmeren niet meer alleen voor computers

Het klinkt misschien raar, maar de tijd dat programmeren alleen iets was voor wetenschappers en voor personal computers is voorbij. Doordat steeds meer producten in ons dagelijks leven verbonden zijn met het internet (Internet of Things) gaan we langzaam maar zeker ook andere producten coderen.

Zo hebben we ondertussen al de ‘slimme’ Philips Hue lampen en Google Nest thermostaat die van ons huis een slimme omgeving maken. Dit soort producten schieten momenteel als paddenstoelen uit de grond en vereisen elk weer een vorm van ‘programmeren’ van de gebruiker.

De handleiding zal het waarschijnlijk het ‘instellen’ noemen maar in principe doe je niets anders dan – op een gebruiksvriendelijke manier – programmeren wat het apparaat voor jou gaat doen. Niet door cijfers en letters op een scherm te typen, maar door logisch na te denken en aan sliders en knopjes te friemelen op een smartphone app.

De toekomst van de technologie ziet er rooskleurig uit en de ontwikkelingen gaan razendsnel, maar het aantal programmeurs – of in ieder geval Raspberry Pi hobbyisten – dat we in de toekomst nodig zullen hebben om alles goed werkend te krijgen gaat volgens Upton en Mycroft nog niet snel genoeg omhoog.